Heide is zoveel meer dan een prachtig paars landschap

We kennen allemaal de beelden van bloeiende heidevelden. Maar achter die prachtige paarse bloemen schuilt een kwetsbaar en bijzonder ecosysteem. Door veranderingen in landgebruik zijn veel traditionele vormen van heidebeheer verdwenen. Tegelijkertijd zorgen stikstof en verzuring ervoor dat heide vergrast en karakteristieke plantensoorten verdwijnen.

En dat heeft gevolgen voor talloze dieren die afhankelijk zijn van open, voedselarme en kruidenrijke heide. Denk aan de boompieper, geelgors, veldleeuwerik en nachtzwaluw, maar ook aan reptielen als de zandhagedis, hazelworm en adder. En wist je dat op struikhei meer dan zestig soorten wilde bijen voorkomen? Op zandblauwtje, een andere plant van droge zandgronden, zijn dat er zelfs meer dan zeventig.

Wist je dat op struikhei meer dan zestig soorten wilde bijen voorkomen?

Dat de relatie tussen soorten en heide diep gaat, zie je zelfs terug in onze Nederlandse soortnamen. Heivlinder, heidehommel, heidefopwesp, heidekrabspin, heidelieveheersbeestje, heidesabelsprinkhaan, heideschildwants, heidesnuitkever, heidecicade, heideslak, heidesteekmier, heideviltbij, heidelibel, en heideknotszwam zijn slechts een paar voorbeelden van de meer dan 150 soorten waarvan de naam uitdrukking geeft aan het belang van heide.

Heide behouden gaat daarom niet alleen over het in stand houden van paarse VVV-heide, postzegelnatuur, of historisch cultuurerfgoed. Het gaat om het behouden van leefruimte voor een enorme diversiteit aan planten en dieren. Heidelandschappen horen plekken te zijn waar het bruist van het leven. Daarom is natuurbeheer zo belangrijk. Door ongewenste toename van bomen en struiken weg te snoeien of uit te graven, houden we de heide open en gevarieerd. Vaak gaat het om exoten zoals Amerikaanse vogelkers en Amerikaanse eik. Dit gebeurt handmatig, zodat we zorgvuldig te werk kunnen gaan en verstoring van planten en dieren tot een minimum beperken.

Op zaterdag 7 november, tijdens de Nationale Natuurwerkdag, komen onze lokale natuurwerkgroepen hiervoor in actie. En jij kunt meehelpen!

Ook de groepen van A Rocha Heuvelrug, Bennekom en Voorthuizen zetten zich op andere natuurwerkdagen in voor het behoud van heide. Met natuurbeheer, herstelwerk en kleinschalig onderhoud zorgen we ervoor dat deze bijzondere gebieden ook in de toekomst een thuis blijven voor allerlei planten en dieren. En daar kunnen wij vervolgens weer volop van genieten.

Heidebeheer is dus geen kwestie van een landschap alleen maar mooi houden. Het is leefgebied behouden voor talloze soorten. Help je mee op de Nationale Natuurwerkdag?

Vredeskastanje voor het Wisentbos

Stichting Participatie Wisentbos heeft zaterdag tijdens Burendag een vredesboom onthuld in het Wisentbos, een cadeau van A Rocha Dronten ter gelegenheid van het twintigjarig bestaan van de stichting. Het gaat om een Indische kastanje, opgekweekt uit zaad van een boom uit het Bos van de Vrede in Bastogne, in de Belgische Ardennen. Ron Methorst vertelde namens A Rocha over de herkomst van de boom: in de Ardennen werd tijdens de Tweede Wereldoorlog zwaar gevochten. Met deze boom wil A Rocha de herinnering aan vrede doorgeven aan volgende generaties.

De vredesboom past in de bestaande samenwerking tussen A Rocha Dronten en de stichting. Samen organiseren zij activiteiten in het bos, waarbij vrijwilligers zich bezighouden met bos- en landschapsbeheer, wandelingen en het jaarlijks maken van een broeihoop voor ringslangen.

Tijdens de onthulling konden bezoekers compost bij de boom leggen met een schepje gemaakt van oude geweren — een krachtig symbool van vrede. Het bordje bij de boom werd onthuld door Methorst, burgemeester Jean Paul Gebben en Nikki Sterkenburg van het Nationaal Comité 4 en 5 mei.

Oog in oog met een VoedselBos-vos

“Hé, kijk daar!” Anita stoot me voorzichtig aan terwijl ik net een hap in mijn mond wil stoppen. Het was eigenlijk te koud om buiten te zitten, maar we zijn toch gebleven. “Daar, ik denk dat het een vos is!” De hap blijft in de lucht hangen; inderdaad het lijkt een vos aan het eind van het pad. Hij komt op zijn gemakje op ons aflopen. Hij snuffelt links, plast even rechts, duikt in het hoge gras en komt weer tevoorschijn. Zou hij ons echt niet zien? Hij kijkt in mijn beleving me recht aan wanneer hij op ongeveer tien meter is genaderd en stilstaat. De wind waait naar ons toe, we zitten op onze hoge bank (de zitting ruim anderhalve meter hoog) aan het begin van het VoedselBos, net op de rand van een oude boomgaard. Blijkbaar niet, want de vos loopt nog een aantal passen dichterbij voor hij een pad naar rechts neemt. Dan beweeg ik mijn hap naar mijn kommetje en tik tegen de rand. De vos heeft ons dan direct door, komt weer tevoorschijn en rent het lange pad weer van ons af. “Wauw, dit was gaaf zeg!” We kunnen weer ontspannen ademen en kijken elkaar met een brede glimlach aan. Wat een geweldig moment en dat gewoon in onze voortuin! Nou, zo gewoon vinden we het gelukkig nog niet.

Het zijn genietmomenten die we ontvangen. Momenten waarop we ons verwonderen over wie er allemaal in het VoedselBos leeft.

Net als een andere keer toen we op de hoge bank wat zaten te drinken aan het eind van de middag. Op één van de paaltjes van het hek om het bos, zit een vogel. Net iets te ver om goed te kunnen zien wat voor vogeltje het is. Maar hij lijkt qua postuur niet op één van de vaste bewoners, dus we herkennen hem niet direct. Vogelkenners zijn we absoluut niet. Maar de afgelopen vier jaar zijn we de vogels die bij ons veel voorkomen toch aardig gaan herkennen – een van de genoegens van het kijken met aandacht naar alle leven om je heen. Het blijkt een grauwe klauwier te zijn wanneer we met verrekijker, fototoestel en vogelboekje het even later hebben bestudeerd. Een vrij zeldzame vogel en één die maar een paar maanden per jaar in Nederland is. Leuk, weer een nieuwe soort die blijkbaar het VoedselBos een goede plek vond om een paar dagen te zijn. “Van harte welkom, fijn dat we van je mogen genieten.”

Grauwe klauwier (mannetje). Foto: VoedselBos De Pelgrim

Anita Bos en Dorine Heij

Anita Bos en Dorine Heij zijn één van onze deelnemers aan het A Rocha Partner. programma. Sinds juni 2022 wonen ze in het Oost-Groningse Bellingwolde op een perceel van 1,2 hectare en beheren daar een nog jong voedselbos. Ze hebben Stichting De Pelgrim VoedselBos & BoerderHeij opgericht met als doel handen en voeten te geven aan de opdracht van God om te zorgen voor de schepping, met oog voor schoonheid, voor harmonie, voor creativiteit, voor alle leven, voor een goede bodem, voor ruimte en voedsel voor mens en dier.

Het smalle pad

Tekst: Nanning Jan Honingh

In het boek Mijn wilde tuin haalt de schrijver Meir Shalev een Israëlische dichteres aan die het woord ‘heersen’ in een andere betekenis gebruikt.

Geoorloofd volgens Meir, want het woord heersen is een soort containerbegrip dat naast ‘gewelddadig onderwerpen’ ook ‘al lopend een pad uitslijten’ betekent. Deze betekenis kan mij nog steeds ontroeren, omdat het zo volstrekt anders is dan de gangbare christelijke invulling van bossen rooien, akkers ploegen, rivieren kanaliseren en allerlei andere ‘wildernis’ op ‘orde’ brengen.

Toen ik mijn land van melk en honing in de winter van 2007 mocht betreden, heb ik het ingezaaid met allerlei eenjarige en meerjarige kruiden. Met een hooihark, verzwaard met een houten balk ben ik in de vorstige februarimaand een paar honderd keer heen en weer gelopen over de akker om de kluiten te verkruimelen en het zaad een goed kiembed te geven. Als ik er nu ben, loop ik langs vaste routes naar de schuur of akker. Daarbij kruis ik andere paden zoals die van de fazanten die onder de sleedoornbosjes overnachten. Er is een haas die elke dag mijn land verlaat met een sprong over de sloot en later hetzelfde paadje terug volgt. Reebokken markeren met hun hoorns een zwarte els of ratelpopulier op de hoek, zodat de vellen bast erbij hangen. Een paar waterhoentjes trekken dagelijks een spoor door het wier in de sloot. Het geeft mij als ‘heerser’ een tevreden gevoel dat ook de andere schepselen het goed maken.

Zo volgen wij, mensen van de Weg, allemaal het smalle pad dat Jezus over de wereld heeft uitgesleten. Zo zoeken wortels en wormen hun weg in de bodem. Slijten olifanten hun paadjes uit, zwemmen glasaal en walvis langs hun banen door de oceaan, waaien trekvogels met de goede winden mee tussen zomer en winter en cirkelt de maan om zichzelf, de aarde en de zon. En zo ‘beheerste’ Henoch al wandelend met God de gehele aarde.

De steenuil bij A Rocha

Hoe markeer je als nieuwe A Rocha werkgroep je start?

Bij A Rocha Voorthuizen deden we dit door een nestkast voor steenuilen op te hangen op het terrein van de NEM*, aan de rand van een klein bos. Onze werkgroep richt zich op bosbeheer, het verbeteren van de bosvijver en het aanbrengen van nestkasten en faunavoorzieningen.

Wat is het dan mooi om tijdens een werkdag braakballen onder de nestkast te vinden! De steenuil, het kleinste uiltje van Nederland, is eenmaal gevestigd honkvast. Het terrein van de NEM biedt een kleinschalig natuurlandschap met bos, weiland en takkenrillen – ideaal voor de steenuil, die niet kieskeurig is: muizen, wormen, insecten en soms een kleine vogel staan op het menu. Zijn scherpe roep ‘wiew’ is regelmatig te horen.

Helaas is het leven van de steenuil kwetsbaar. Veel jongen halen hun eerste jaar niet door verkeer, roofvogels of marters. Ook verdwijnt hun geliefde kleinschalige natuurlandschap.

Het ophangen van nestkasten, holle bomen laten staan en rommelhoekjes creëren helpt. Maak het dus niet te netjes in je tuin – de steenuil houdt daar niet van! Ik ben een van de gelukkigen: in mijn tuin woont een paartje steenuilen in een nestkast in een oude eik. Dit voorjaar broedden ze weer, en de kuikens werden geringd voor inzicht in leeftijd en trekgedrag. Een steenuil kiest een partner voor het leven en broedt van half april tot half mei op drie tot vijf eieren.

In Voorthuizen is de nestkast dit voorjaar 2026 in elk geval duidelijk gebruikt: er zijn steenuilen gezien en braakballen gevonden. Of er daadwerkelijk gebroed is, weten we nog niet zeker. Maar de tekenen zijn veelbelovend, en onze werkgroep blijft de kast de komende seizoenen volgen.

Vrolijk gekleurde vrienden

In 2026 staat A Rocha stil bij het thema ‘Verenpracht’. Wat kunnen vogels  ons leren? En hoe kunnen wij goed voor ze zorgen? We publiceren regelmatig blogs waarin verschillende schrijvers iets delen over dit veelzijdige thema. Deze maand vertellen Anita en Dorine van het VoedselBos over een slim vogeltje.

Ook dit jaar hebben we veel paardenbloemen rond ons huis staan. We houden beiden niet zo van de kleur geel, maar wanneer deze bloemen opkomen in het gras worden we daar toch wel vrolijk van. Veel mensen vinden paardenbloemen in hun gazon niet fijn. Toch is het mooie van paardenbloemen dat de wortels diep in de grond steken. Zo halen ze voedingsstoffen naar boven ook voor planten om hen heen. Bovendien zijn de bladeren en de bloemen ook eetbaar voor de mens. Voor het eerst hebben we de bloemblaadjes, samen met bloemetjes van de sering, gebruikt om er siroop van te maken.

Wij zijn niet de enigen die van paardenbloemen houden. Wanneer de gele bloemen veranderd zijn in ronde pluizenbolletjes is er een rood-zwart-geel-wit kapertje op de kust. Vanaf de grond kan hij er niet altijd bij, maar daar heeft het puttertje iets op gevonden: hij landt op het steeltje van de bloem, en door zijn gewicht zakt de buit naar beneden en kan hij zich te goed doen aan de zaadjes onderaan de parapluutjes. Het is een leuk gezicht om te zien hoe ze, heel snel eigenlijk, een pluizenbol kaalplukken. Ze eten alleen de zaadjes. De rest ligt vervolgens, bijna als een crime scene, naast de steeltjes op de grond. En nu we dit eenmaal weten herkennen we de plekken waar de putter zijn maaltijd heeft gehouden.

Naast paardenbloemen staan ook distels op het menu van de putter. We zien er al veel opkomen. Voor de meeste mensen ook niet ene welkome plant. Toch leveren ook deze planten een bijdrage aan de biodiversiteit in ons VoedselBos. Ze hebben diepe wortels en maken zo de grond geschikt voor bomen en struiken. Een paar dagen geleden zagen we een puttertje snoepen van de veldzuring. Nou, dat staat op dit moment ook volop in ons VoedselBos. Dus het is wat dat betreft een waar paradijs voor onze vrolijk gekleurde vrienden.

Elke dag genieten we heerlijk van alles wat rondvliegt, zingt en tjilpt. Rijk als we zijn met groeiend voedselbos voor de deur waar steeds meer vogels hun thuis vinden.

Anita Bos en Dorine Heij

Anita Bos en Dorine Heij zijn in juni 2022 in het Oost-Groningse Bellingwolde gaan wonen op een perceel van 1,2 hectare, om een VoedselBos aan te planten. Ze hebben Stichting De Pelgrim VoedselBos & BoerderHeij opgericht met als doel handen en voeten te geven aan de opdracht van God om te zorgen voor de schepping, met oog voor schoonheid, voor harmonie, voor creativiteit, voor alle leven, voor een goede bodem, voor ruimte en voedsel voor mens en dier. En anderen te laten zien en ervaren dat voedselproductie mogelijk, haalbaar en lekker is uit een voedselbos. Het VoedselBos is ook A Rocha Partner.

Meer vogels in mijn tuin

Vogelzang, vogelleven, ik geniet er met volle teugen van. Het tsjilpen van de mussen, de fluitende zang van de merel of een van de vele deuntjes van de koolmees maken het tot een feestje in mijn tuin!
Maar er zijn ook vogels die ik in mijn tuin weinig zie of hoor. En dus ben ik op zoek gegaan hoe ik mijn tuin aantrekkelijker kan maken voor een paar van mijn favoriete vogels.

Putter (ook: distelvink). Voor de putter is het hebben van kaardebollen in de tuin ‘de kers op de taart’. Maar ook distels en composieten als de paardenbloem zijn aantrekkelijk voor de putter. En een els in de buurt is mooi meegenomen. Die els gaat in mijn tuin niet lukken, maar de kaardebollen ga ik planten!

Putter

Zwarte roodstaart. Deze vogel komt graag in de buurt van huizen. In de ogen van een zwarte roodstaart is een huis precies een rots, oorspronkelijk komt deze broedvogel voor in middel- en hooggebergtes. Het plaatsen van neststenen maakt het aangenaam voor de zwarte roodstaart om een vaste bezoeker van de tuin te worden. Dus ga ik een neststeen voor de zwarte roodstaart aanschaffen.

Zwarte roodstaart

Groenling (ook: groenvink). Een groenling kent vele groene kleurvariaties en is prachtig om (bezig) te zien. Beplanting met veel zaden trekt de groenling zeker aan. Zo levert de heggenroos een goede gelegenheid voor beschutting en nestmogelijkheid, maar ook voor voedsel. Ook de zonnebloem en de grote kattenstaart zijn aan te raden. Die heggenroos wordt zeker een nieuwe aanwinst voor mijn tuin!

Groenling

Kneu. Deze roodgekleurde vogel (man) spot ik heel af en toe in mijn tuin. Misschien omdat ik de tuin niet ‘winterklaar’ maak. Want de kneu waardeert ook juist in de winter de zaden en kruiden van kaardebol, guldenroede en brandnetels. Toch maar meer van deze soorten in mijn tuin een plek geven voor deze prachtige vogel, zeker omdat hij op de Rode Lijst staat van bedreigde diersoorten.

Kneu

Nu hopen dat ik met deze aanpassingen bovenstaande favoriete vogels (vaker) kan spotten in mijn tuin.

Tekst: Wilma van de Veen | foto’s: Unsplash

Nestkastjes voor mezen bij A Rocha Heuvelrug

Een mooi voorbeeld van directe hulp aan vogels is het nestkastenproject van A Rocha Heuvelrug in Veenendaal. Al jarenlang worden samen met leerlingen van de Calvijnschool nestkastjes voor mezen gebouwd, opgehangen bij de oude begraafplaats en gemonitord. Zo leren kinderen niet alleen meer over vogels en natuurbeheer, maar ervaren ze ook hoe zij zelf kunnen bijdragen aan herstel van de natuur.

A Rocha Hattem van start

Natuurwerkgroep A Rocha Hattem van start

Samen ontdekken wat we voor de natuur kunnen doen

Op 16 mei kwamen kinderen en volwassenen samen op Landgoed De Vuursteen voor de start van de werkgroep A Rocha Hattem. De ochtend stond in het teken van ontmoeten en ontdekken van natuur in onze eigen woonomgeving.

De start van A Rocha werd gevierd met een bioblitz, een ontdekkingstocht waarbij de kinderen en volwassenen in korte tijd verschillende planten- en diersoorten proberen te vinden. De bioblitz maakte zichtbaar hoe rijk en veelzijdig de natuur dichtbij huis eigenlijk is.

Naast het speuren in de natuur, werd er samengewerkt om katapulten te bouwen. Hout, touw en elastiek veranderden al snel in stevige bouwwerken. Het leverde gelach en gezonde competitie op, en mooie gesprekken tussen kinderen en volwassenen die samen aan het bouwen waren. Betrokkenheid bij natuur hoeft niet ingewikkeld te zijn, maar begint met samen buiten zijn en aandacht hebben voor de omgeving.

Werkgroep in Hattem

De natuurwerkgroep in Hattem wil verschillende activiteiten ontwikkelen, zoals natuurwerkdagen, excursies en workshops. Om de handen ineen te slaan voor de natuur en de diversiteit ervan te ontdekken. En om te ervaren dat het fijn is om buiten te zijn en actief bezig te zijn in de natuur. De lokale werkgroep wordt gevoed door A Rocha Nederland, dat als missie heeft om mensen dichter bij de natuur te brengen en te laten zien dat zorg voor de schepping begint met aandacht en betrokkenheid. Juist door samen naar buiten te gaan ontstaat verwondering over alles wat groeit, leeft en beweegt.

Eén van de activiteiten om naar uit te zien is de natuurwerkdag dit najaar, op 7 november. Ook op de hoogte blijven van de activiteiten van A Rocha Hattem? Stuur een bericht naar hattem@arocha.org.

 

 

Foto: A Rocha Hattem.